Sjoerd Vreugdenhil

Sjoerd Vreugdenhil werd geboren in Kisenge, Zaïre in 1971. Hij verhuisde later naar Nederland waar hij klassiek ballet studeerde aan het Koninklijk Conservatorium in Den Haag en aan de Rotterdamse Dansacademie, waar hij afstudeerde in 1988.

Hij begon zijn professionele danscarrière bij Introdans in Arnhem, en sloot zich later aan bij het Scapino Ballet in Rotterdam. Als solist danste hij met het Zürich Ballet, en voor zes jaar met het Ballet Frankfurt.

Hij betrad de Nederlandse choreografiewereld met twee korte stukken die hij creëerde voor het Ballet Frankfurt – Fat Peggy’s Sober Property en The Sisters You – beiden getoond tijdens het CaDance festival in 2002.

Zijn talent om dans, theater, en design te combineren werd onmiddellijk herkend en de selectie van Fat Peggy’s Sober Property volgde voor de Nederlands Dans Dagen als een van de hoogtepunten van het seizoen 2002-2003. Het werd ook gekozen door de Vereniging van Vlakke Vloer Theaters voor de Danspassies tournee – een programma voor het promoten van getalenteerde jonge choreografen.

Vreugdenhil’s tweede Korzo productie Ferocious Felicity (2004) werd ook geselecteerd voor de Nederlandse Dansdagen. Het selectiecomité schreef hierover: “…Met Ferocious Felicity heeft Vreugdenhil overtuigend laten zien dat hij steevast bezig is zijn eigen signatuur en bewegingsvocabulair te ontwikkelen...”. Het stuk werd ook gepresenteerd tijdens het Springdance Festival in Utrecht en reisde door Duitsland.

Naast zijn werk als choreograaf, voltooide hij een tweejarige architectuur cursus aan het Rietveld Academie. Dit heeft zijn besef van toneelbeeld sterk beïnvloed.

In 2004 werd Vreugdenhil benoemd tot huischoreograaf van Danshuis Limburg, waar hij Heerlijk Heerlen creëerde. Hij maakte daar ook een tweede versie van Dismanteling Sivak – een duet oorspronkelijk gemaakt voor het Dance for Life Gala in Brussel. Daarnaast creëerde hij in datzelfde jaar Volle Melk Disneyfied voor Dansgroep Krisztina de Chatel.

In 2005 maakte Vreugdenhil een nieuw werk voor de Staatsoper Unter den Linden in Berlin: Seven Attempted Escapes from Silence, geschreven door Jonathan Safran Foer, en later in dat jaar maakte hij zijn derde Korzo productie Ironing Madonna, die een enorme ophef veroorzaakte in de Nederlandse danswereld.

In 2006 presenteerde het Scapino Ballet Vreugdenhil’s duet Dismanteling Sivak, en zijn dansinstallatie Purple Silence ging in première met de Berliner Philharmonie gedirigeerd door Sir Simon Rattle. Tot de creaties van dat jaar behoren ook 10 Gedachten van Denkprocessen voor de Fontys Academie, Tilburg, en de choreografie voor Croesus bij het Staatstheater Wiesbaden, Duitsland. In 2006 vond ook het tournee plaats van Fat Peggy’s Sober Property door Israël.

In 2007 bracht Vreugdenhil The Honest Poverty of Past in première. In dat jaar maakte hij ook de choreografie voor de musical HAIR die op tournee ging door Nederland en België met meer dan 160 voorstellingen.

In 2008 ging een productie gebaseerd op HOWL van Allen Ginsberg met een choreografie van Vreugdenhil in première bij De Theaterschool. Vreugdenhil voerde ook de regie van HIRST samen met Mauricio de Olivera in Sao Paulo, Brazil, en zijn werk Tuin ging in première tijdens het CaDance/Crossing Border Festival.

Dance Works Rotterdam, waar Vreugdenhil als choreograaf en docent heeft gewerkt, verleende hem een opdracht voor nieuw werk voor het seizoen 2008/09, en tot toekomstige opdrachten kunnen behoren een co-regie van Miss Julie from Strindberg in de Koninklijke Schouwburg, Den Haag in het seizoen 2009/2010. 

We should be dead ging in première in mei 2010 op korzo5HOOG. Het tweede deel van We should be dead werd in première gebracht door Dansgroep Amsterdam in 2010. In oktober 2010 werd zijn installatie Darlings, We should be dead gepresenteerd tijdens de Nederlands Dansdagen.

Korzo ligt midden in Het Hofkwartier; één van de acht sfeergebieden in de Haagse binnenstad. Deze cultuurhistorische plek, vol knusse hoeken en gaten, biedt genoeg mogelijkheden voor een intiem dansproject. CaDance nodigde vijf choreografen uit die een voorstelling maken op een verborgen parel in dit gebied. Met maximaal 24 andere bezoekers reis je langs alle voorstellingen en kijk je de dans recht in de ogen. Je bevindt je samen met de dansers, heel even, in een andere wereld waar de buitenwacht geen weet van heeft. Ontdek een nieuw perspectief op de stad in deze verrassende stadswandeling. De wandelingen worden begeleid door de gidsen van het Gilde Den Haag.

De gidsen van het Gilde brengen met veel plezier hun kennis van de stad over aan wie dat maar wil. Voor meer informatie 
http://www.gildedenhaag.nl/

Programma
Proximity Cora Bos-Kroese

Everporapture
Kenzo Kusuda

That short moment of recognition
Jasper van Luijk

Ellipse
Revanta Sarabhai

Entresuelo
Sjoerd Vreugdenhil 

Tijdens het CaDance Festival 2008 vond er een samenwerking tussen twee spraakmakende Haagse festivals plaats: CaDance en Crossing Border. Hiermee ging een al lang door beide organisaties gekoesterde wens in vervulling. Schrijvers van woorden en schrijvers van beweging ontmoetten elkaar in het project Terri(S)tories. Choreograaf Sjoerd Vreugdenhil was een van de choreografen die werd gekoppeld aan een schrijver, in dit geval de Nederlandse schrijver Robbert Welagen.

Sjoerd Vreugdenhil en Robbert Welagen maakten samen het werk Tuin. Tuin is een filmische belevenis van een man die leeft in ervaringen van het verleden. Op zijn eigen manier vervaardigt hij zo de antwoorden op zijn vragen voor de toekomst.

"Only the past gives an anwser to the questions that I pose" is de laatste zin die het uitgangspunt is geweest voor Sjoerd Vreugdenhil om Robbert Welagen’s manuscript om te zetten. Dit resulteert in een intieme getuigenis waarin de tijd even lijkt stil te staan. Tuin is een fysiek en vocaal gedachtegoed over het heden, verleden en toekomst van een jonge man.

The Honest Poverty of Past is een choreografie gecreëerd en gedanst door twee dansers/choreografen die lange tijd deel uitmaakten van William Forsythe’s roemruchte Ballett Frankfurt, dat decennialang de avant-garde van de dans vormde. Hoewel ieder van hen een langere periode in Frankfurt verbleef, dansten Sjoerd Vreugdenhil en Christopher Roman slechts drie jaar samen. Sjoerd Vreugdenhil verliet het gezelschap in 2002 om zich in Nederland te concentreren op het maken van eigen werk. Christopher Roman richtte zich na de opheffing van het Ballett Frankfurt twee jaar lang op eigen projecten, voordat hij zich vanaf dit seizoen weer aan de Forsythe Company verbond.

Met The Honest Poverty of Past kijken zij terug op een vriendschap die onder vuur kwam te liggen door de extreme prestatiedruk, zowel fysiek als mentaal, die het gezelschap in een continue creatieve roes hield, maar de collegialiteit ook vaak onder druk zette. Op het podium vormde het gezelschap één sensationeel geheel; daarbuiten was het ieder voor zich. Met de afstand van de tijd en gesterkt door een emotionele onafhankelijkheid die er toen niet was, blikken zij terug op deze excessieve periode. Vanuit het verlangen om samen integer, respectvol en met gepaste zelfironie op het podium te kunnen staan, maar met de panache die nodig is om dans zijn angel terug te geven.

Sjoerd Vreugdenhil en Christopher Roman creëerden The Honest Poverty of Past in de zomer van 2006 in opdracht van het CaDance festival. Deze CaDance opdracht maakte deel uit van het festivalprogramma Double Intuition, een duettenserie waarvoor CaDance twee choreografen uitnodigde een duet te maken, waarin zij ook zelf de dansers zijn. Twee artistieke visies en twee sterke danspersoonlijkheden, samen gebracht in een soort artistieke hogedrukpan. De dynamiek van intuïtieve communicatie speelde in dit creatieproces een belangrijke rol. Wegens een blessure kon de première van het duet The Honest Poverty of Past  tijdens het CaDance festival niet plaatsvinden en werd deze uitgesteld naar het voorjaar van 2007.

Klik hier  voor de webclip van The Honest Poverty of Past op YouTube:
http://www.youtube.com/watch?v=fKBLjNW1Hv8

Ironing Madonna is  een verhaal over schoonheid: als ideaal, als houvast, als façade en als louteringsfase. Vreugdenhil raakte voor de productie geïnspireerd door de aantrekkingskracht van religie, die door zijn schone schijn eeuwenlang miljarden mensen heeft beïnvloed. De ‘waarheid’ die achter deze schone schijn verborgen ligt, wordt eigenlijk pas zichtbaar op het moment dat de façade afbrokkelt. Net als in religie scheppen theatermakers een soort schijnwereld, die bekoort en verleidt. Het hedendaagse theater maakt het echter steeds makkelijker de illusie te doorzien. Juist met dit medium wil Vreugdenhil dan ook onderzoeken wat er overblijft als je door de zeepbel heen prikt?

De rode draad in de voorstelling is de ontwikkeling die de performers doormaken wanneer zij zich ontdoen van de façades die zij in hun eigen leven hebben opgebouwd. Chuckie Dennis bijvoorbeeld, was een make-up artist die vol overgave met grote ontwerpers als Gianni Versace en Issey Miyake samenwerkte in een wereld waar hij zelf door een voortschrijdende huidziekte steeds minder in paste. Hun zoektocht naar eerlijkheid is tegelijkertijd het verslag van een verlies van houvast. Hierin echoën de stemmen van George en Martha, de hoofdpersonen uit Albee’s Who’s afraid of Virginia Wolf?, die een illusie grootbrengen om de leegte daarachter niet te hoeven zien.

In Ferocious Felicity worstelen de twee hoofdpersonen met hun verlangen naar isolement. Inspiratie voor de voorstelling vond choreograaf Sjoerd Vreugdenhil in het Japanse fenomeen Hikikomori, een extreme vorm van totale afsluiting van de wereld. Als gevolg van maatschappelijke druk en de schaamtecultuur trekken veelal jonge Japanners zich terug in hun ouderlijk huis en verbreken zij álle banden met de buitenwereld; jarenlang blijven zij verstoken van iedere vorm van communicatie, zelfs als de totale verwaarlozing toeslaat.

Vreugdenhil smeedde deze thematiek, samen met autobiografische elementen, tot een intense voorstelling met tekst, spel, dans en video. Het script is door Vreugdenhil zelf geschreven met inbreng van Timothy Couchman en Kate Strong, twee dansers die hij nog kent uit zijn tijd bij Ballett Frankfurt. Hetzelfde seizoen was Vreugdenhil met deze productie uitgenodigd door het Springdance festival in Utrecht en door het Künstlerhaus Mousonturm in Frankfurt.

Wie wil er niet langer leven? De levensverwachting is in de afgelopen 150 jaar al verdubbeld in de westerse wereld, maar we willen meer. Choreograaf Sjoerd Vreugdenhil maakt een beeldende en fysieke theatervoorstelling over de prijs die we betalen voor de extra tijd die we winnen. Hoe gaan we om met het ouder worden en de fysieke broosheid die daarbij hoort? En wat als anderen de prijs betalen voor onze langere levensduur?

Een vrouw doet er alles aan om jong en mooi te blijven voor haar geliefde, maar ‘steelt’ daarmee de levenstijd van haar partner die sneller verouderd. We should be dead is een voorstelling over gestolen tijd, waarin de belevenis van deze extra tijd intens voelbaar wordt. De lichamen van de dansers Eytan Sivak en Sara Wiktorowicz worden omhuld met fragiele keramische kostuums.

Sjoerd Vreugdenhil danste jarenlang bij William Forsythe’s Ballett Frankfurt en maakte bij dit gezelschap een aantal opmerkelijke choreografieën. Twee hiervan werden bij Korzo producties opnieuw ingestudeerd en in het CaDance festival bij zijn terugkomst naar Nederland in 2002 gepresenteerd. Sjoerds talent om dans, theater en design te combineren in fascinerende producties werd onmiddellijk gezien en het werd duidelijk dat Nederland een choreografisch talent rijker was. Zijn voorstellingen zijn van een intensiteit die ongebruikelijk is. Zij zijn ‘adembenemend’ in dubbele zin: betoverend in hun esthetische verfijning, claustrofobisch in hun psychologische impact.

Klik hier om de clip van We should be dead te bekijken:

You are here

Adres

bezoekadres
Prinsestraat 42
2513 CE Den Haag

postadres
Postbus 13407
2501 EK Den Haag

070-3637540

Route
Contact
Colofon
Disclaimer

Twitter